Oct 112009
 

49e  jaargang – oktober 2009 – Artikel 1

Vooruitlopend, als we in 2010 een ‘Jubeljaar’ vieren het 50e jaar vanaf het ontstaan van de ‘Vrienden van Israël’ in 1960, ligt het voor de hand om hier enige aandacht aan te geven. Het woord ‘Jubeljaar’ komen we tegen in Leviticus 25:1-55. Een groot gedeelte van dit hoofdstuk is gewijd aan wetten die in elk 50e jaar in het land Israël operationeel werden: ‘Wanneer gij (de kinderen van Israël) zult gekomen zijn in dat land, dat Ik (de Here) u geve…’ (Lev.25:2). Dus in ’t bijzonder voor hun bestemd! Net zoals het Pascha en Grote Verzoendag, draagt het ‘Jubeljaar’ een veruitstrekkend teken in zich voor al degenen die zijn vrijgekocht hetzij behorend tot ‘Israëls Koninkrijk’ of de ‘Gemeente die Zijn Lichaam’ is. In Ps.89:16 horen we over de ‘vreugde van het geklank der bazuin’. Het was niet zomaar een geklank, maar één met een bijzonder blij geluid. ‘Welzalig is het volk dat het geklank
kent’, het bazuingeschal van het ‘Jubeljaar’. Aan het eind van die (7×7) 49 jaren werden de beperkte vrijheiden opgeheven en het verspeelde eigendom teruggeven, zodat iedere man weer in vrijheid naar familie en bezit kon terugkeren. Dit gebeuren is een type van wat we tegenkomen in het Nieuwe Testament. In Hand.3:19-21 als Petrus spreekt over de terugkomst van Jezus Christus, dan zegt hij: ‘Hem moest de hemel opnemen tot de tijden van de wederoprichting aller dingen’.

Het is belangrijk om in te zien dat hetgeen door Petrus hier gezegd wordt verwijst naar het ‘Jubeljaar’, -het herstel van vrijheid en bezit- aangaande ‘t land, de stad en volk van Israël’, bij het wederkomen van hun Messias. Bovendien vinden we hetzelfde thema terug in Gal.5:1 waar Paulus zegt: ‘Staat dan in de vrijheid, met welke ons Christus vrijgemaakt heeft, en wordt niet wederom met het juk der dienstbaarheid bevangen’. De terugkerende woorden in Lev.25:28,31,33,54 ‘en zij zullen in het ‘Jubeljaar’ uitgaan’, vond telkens plaats in het 50e jaar. Het Hebreeuwse woord is ‘yobel’ afgeleid van ‘yabal’, met de betekenis die we vinden in Jes.55:12 ‘Want in blijdschap zult gijlieden uittrekken, en met vrede voort geleid worden’. Dit woord komen we het eerst tegen in Ex.19:13 waar het vertaald is met ‘hoorn’, en vervolgens in Joz.6:4,5,6,8,13 met ‘ramshoorn’. Ook is daar een verband tussen het‘Jubeljaar’ en het ‘jaar van het welbehagen des Heren’, en ‘het jaar van Mijn verlossing (verlosten) is gekomen’, (Jes.61:1,2;63:4). In Lev.23 spreekt de Here over de Feesten van Israël als, ‘deze zijn Mijn gezette hoogtijden’. We onderscheiden daar ‘het Pascha, feest der Ongezuurde broden, feest der Eerstelingen, feest der Weken, feest der Bazuinen, Grote Verzoendag, en het Loofhuttenfeest’, dus 7 in totaal. Dit ‘zevenvoudige’ karakter der feesten heeft betrekking op het ‘voornemen der eeuwen’ (aionen), zoals Petrus verwoord, dat ‘één dag bij de Here is als dag’, (2 Petr.3:8). Zij vullen a.h.w. de ruimte op tussen de schepping (herschepping) en het ‘Duizendjarigrijk’. Op de zesduizend jaren heilsgeschiedenis zal een 7e duizend jaar volgen nl., ‘de Dag des Heren’ van tenminste 1000 jaar, (Openb.20:1-6). Paulus verhaalt in de Hebreeënbrief dat Israëls Shalom zal intreden met de komst van de Messias. Dat na een werkweek van 6 dagen van 1000 jaar die 7e dag zal aanbreken, (Hebr.4:1-11).

De Joodse kalender nadert het jaar 5800 waarin de naam ‘Noach’ verscholen zit, geschreven als ‘noen’-‘cheth’ de 50 en de 8 dus 58, nl. de ‘vertroosting’ van het komen van een ‘nieuwe eeuw’ (aioon).
In het boek Leviticus en Daniël is een ‘zeventalligstelsel’ van het grondgetal 7 te vinden!

  • 1/zeven dagen Lev.23:3;
  • 2/zeven weken 23:15;
  • 3/zeven maanden 23:24;
  • 4/ zeven jaren 25:4;
  • 5/zevenmaal zeven jaren 25:8-13;
  • 6/zeventig maal zeven jaar Dan.9:24;
  • 7/zevenmaal (voudig) tuchtiging Lev. 26:28.
Shlomo Goren

Shlomo Goren

Als het gaat om deze ‘jaren’, hierbij een paar opmerkingen die helemaal passen in de lijn van de voortgaande ‘profetie aangaande Israël en de volken’. We hebben gezien dat de ‘zevenvoudige strafmaat v.w.b. Israëls zonden in 1967 ten einde liep, het was het jaar waarin de hereniging van Oost en West Jeruzalem op 7 juni plaatsvond, (Ezech.4:1- 8;Lev.26:28; zie: nr.3-09). Het was Opperrabbijn Shlomo Goren van het leger die op 7 juni 1967 met Thorarollen te midden van juichende soldaten op de ‘sjofar’ -een van een ramshoorn gemaakte trompet- blies terwijl ze voor de ‘Klaagmuur’ stonden, en lopend naar het Tempelplein de volgende woorden sprak: ‘Nu is het tijd om 100 kilo explosieven in de Rotskoepel te gooien’, en deze eens en voorgoed van de aardbodem te verdelgen, ofschoon de ‘volheid van tijd’ daarvoor toen nog niet gekomen was!

Bovendien is die 7e juni 1967 achteraf gezien uitermate belangrijke geweest omdat vanaf die dag v.w.b. de jaarweken uit Daniël 9 (7x7x360=17.640 dagen) er a.h.w. een herhaling plaatsvindt als in de dagen van Ezra en Nehemia. Het opzienbarende is dat op die dag 23 september 2015 er een ‘Grote Verzoendag’ aanbreekt in het 50e jaar, dus een ‘Jubeljaar’. Daarbij is het nog zo dat het ‘bazuingeschal’ op die tiende dag van die zevende maand Tishri, dus op Yom Kippur de ‘laatste’ was in Israëls feestmaand, (Dan.9:24-26;Lev.25:8-10; zie: nr.1-09). Daar is nog iets bijzonders aangaande die ‘Grote Verzoendag’ in 2015 en die van 1973 toen de ‘Yom Kippur’ oorlog uitbrak, want daar liggen nl. 6×7 jaar dus 42 jaar tussen het jaar 2015 en 1973, ofwel de 42 pleisterplaatsen die Israël passeerde voordat het ‘beloofde land’, werd ingenomen door Jozua, (Num.33:1-49).
Het was heel typerend om aan de vooravond van Rosh Hasjana op 29 september 2008, dus nog 7 jaar verwijderd van het jaar 2015.., in de dagelijkse berichtgeving over ‘Wall Street’ te horen van een negatieve index van maar liefst -777.68 punten! Een ‘goddelijke’ aanwijzing(?) op de nog 3 openstaande jaarweken van 7 jaar, die bij de 67e jaarweek aan het eind van Hand.28:25-28 zo abrupt ophield! Immers het ging in de Handelingentijd uitdrukkelijk om de ‘hoop van Israël’, Hand.26:6-7;28:20; zie: nr.4-08). Zo lijkt het er vandaag veel op dat waar Hand.28:25-28 abrupt eindigt, we na 2000 jaar met Israël terug in het land, Jeruzalem als onverdeelde hoofdstad, en ‘Messiaanse gemeenten’ her en der verspreid in het land, we hier de draad opnieuw kunnen oppakken. We horen vandaag voortdurend spreken over Judea en Samaria (de Westbank) en over Oost en West Jeruzalem, die volgens de ‘internationale gemeenschap’ zoveel mogelijk ‘Judenrein’ moet worden.

Toch blijft daar de ‘belofte’ overeind uit Hand.1:11 dat deze Jezus op dezelfde wijze zal wederkomen op de Olijfberg die ten Oosten van Jeruzalem ligt. Daar zijn vele tekenen die erop wijzen dat vanaf de verwoesting van Jeruzalem in het jaar 70 AD en de terugkeer van de ‘Israëli Paratroop Brigades’ op de Tempelberg in 1967, waar dan ook nog eens 1897 jaar tussen liggen dit verwachtingspatroon onder de ‘religieuzen-christen Zionisten’ sterk is toegenomen! Dit geslacht zal geenszins voorbij gaan, voordat dit alles is geschied. Is een geslacht dan 40, 50, 70, 100, 120 jaar. De tijdsduur van een‘Jubeljaar’ naar ‘Jubeljaar’ omvat 50 jaren. Het opmerkelijke is nu dat vanaf Israëls terugkeer naar het land deze vijf ‘volheden van tijd’ terug te vinden zijn in een aantal gebeurtenissen die voor Israël in de 20e eeuw van historisch belang waren zoals: het eerste Zionisten congres in Wenen in 1897, de Balfour declaration van 1917, het VN besluit in 1947, en de oprichting van de Staat Israël in 1948, de Zesdaagse oorlog van 1967, (zie: nr.3-08). Mozes was 120 jaar toen hij stierf, en Noach predikte 120 jaar voordat de zondvloed kwam. Het zijn de getallen 50 en 70 die hier opvallen!

Het bazuingeschal dat het ‘Jubeljaar’ aankondigt ‘Proclaim liberty throughout the land’, zal niet komen van de zijde van de V.N., Rusland, Europa, en de V.S. De ‘Feesten van Israël’, als ‘Mijn gezette hoogtijden’ zijn doorslaggevend, (Lev.23:2). In Gen.1:14 lezen we, ‘dat er lichten zijn in het uitspansel des hemels, om scheiding te maken tussen dag en nacht; en dat zij zijn tot tekenen en tot gezette tijden, en tot dagen en jaren’. Het hebreeuwse woord is hier <moed> dat gebruikt wordt in beide teksten met de betekenis van ‘vaste tijden’, dus niet als ‘jaargetijden’, maar dat hier de zon en maan aanwijzingen zijn v.w.b. de ‘Feesten des Heren’! Het was Petrus die na (7×7=49) op de 50e dag op het ‘wekenfeest’ uitriep: ‘maar dit is het’ waarvan door de profeet Joël gesproken is, (Hand.2:16). Het gehele boek Joël heeft betrekking op Israël en de volken en het ziet uit op de ‘Dag des Heren’. Hier vinden we het ‘Jubeljaar’ terug: ‘Blaast de bazuin te Sion, heiligt een vasten, roept een verbodsdag uit’, als zijn de een ‘Grote Verzoendag’, (Joël 2:15). Hier wordt gesproken over ‘de zon die veranderd zal worden in duisternis en de maan in bloed, voordat de grote en geduchte dag des Heren komt’, (Joël 2:31; Hand. 2:20). Het ‘wekenfeest’ (Shavu’ot) en het ‘Jubeljaar’ hebben het getal 50 gemeenschappelijk voor dagen en jaren, ‘Ik heb u gegeven elke dag voor elk jaar’(Ezech.4:4-6). Als voor Israël in 1967 de strafmaat eindigt; en de Here ‘proclameert’: ‘Ik ben voor Jeruzalem en voor Sion in grote ijver ontbrand, maar Ik ben zeer toornig op de overmoedige volken, die, terwijl Ik maar een weinig vertoornd was, meehielpen ten kwade’, en ‘de bepaalde tijd gekomen is’ (Zach.1:15-17;Ps.102:14), dan zullen de tekenen (6 eclipsen) aan ‘Zon en Maan’ die plaats zullen vinden op ‘Mijn gezette hoogtijden’, beginnende in 2014 op de 14e Nissan ‘het pascha’,en eindigend in 2015 op de 15e Tishri ‘het Loofhuttenfeest’, geen toevalligheden zijn! In de Handelingentijd waren de apostelen ervan overtuigd dat een spoedige terugkomst van Jezus Christus nog in hun generatie zou plaatsvinden, (1 Petr. 4:7; Jak. 5:7-9; Hebr.10:37; 1Joh.2:18; 1Cor. 1:7;7:29, 10:11,16:22; Rom 13:12, 16:20; 1Thess. 4:13-18). Het was een uitzien naar de ‘openbaarwording’ (apocalyps) en ‘komst’ (parousia) van Jezus Christus!

Meer dan ooit is er vandaag in Israël een uitzien naar die ‘Masjiach’ te midden van de ‘wederoprichting alle dingen’. Dit ‘heilsteken’ past helemaal bij het ‘Jubeljaar’. Het geklank van de bazuin ‘proclameert de vrijheid van iets groots’. Kennen de volken dit ‘bazuin geklank’ al? De ‘geopolitieke wereld’ heeft Israël als ‘bezet gebied’ verklaard, en als zodanig ook ‘bezet’! Het geklank betekent nu in diepste zin ook,…‘om uit te roepen een jaar van het welbehagen des Heren en een dag der wrake van onze God’. Dit past helemaal in het ‘Yom Kippur’ verhaal uit Openb.5 waar een boekrol, die weliswaar verzegeld met zeven zegelen al ‘jubelend’ door de ‘Losser’ verbroken zal worden, om het ‘erfdeel’ berustend buiten de macht van alle schepselen weer eigendom te maken van de oorspronkelijke Eigenaar, (Jes.61:2; Openb.5:4; Jer.32:14,15)! Alsnog zal de ‘bezetter’ van geen wijken
willen weten. Doch als het tijdstip aanbreekt en de 7e engel op de 7e bazuin  gebazuind heeft, ‘is het Koningschap over deze wereld gekomen aan onze Here en Zijn Gezalfde die als Koning zal heersen tot in alle eeuwigheden’, (Openb.11:15-19).
Deze ‘ontzegeling van de Boekrol’ omvat de 7 zegelen, de 7 bazuinen, en de 7 schalen! Overeenkomend met de nog 3 openstaande jaarweken van 7 jaar, die onverwachts werden afgebroken op een totaal van de 70 weken, die een aanvang namen nadat de muren van Jeruzalem hersteld, de Tempel herbouwd en ingewijd was, in een tijdsbestek van (7x7x360=17.640 dagen, (Ezra 4:1- 6:22; Neh.12:27-13:31; Dan.9:24-26; Hand.28:25-28; zie: nr.4-08). Tenslotte, wie kan zich voorbereiden tot de strijdt als de ‘bazuin een onzeker geklank’ laat horen, (Efz.5:14-16;6:13)

Parousia

Parousia

Gedurende een ‘tussentijd’ van bijna 2000 jaar stond ‘Gods profetische klok’ stil, doch zal weer gaan lopen bij de aanvang der laatste 3 jaarweken, de ‘Apocalyps’, ofwel het tevoorschijn komen van Jezus Christus, waarbij Israëls hoop vervuld zal worden, (Openb.6:1-19:21). Voordat Zijn openbaarwording (apocalyps) een feit zal zijn, zal Hij eerst daar verschijnen in heerlijkheid (ephifaneia) om vervolgens aanwezig te zijn (parousia) te midden van Zijn erfdeel Israël! Nochtans, zien wij uit naar ons ‘jubeljaar’ , de dag van de ‘inlossing’ van ons verworven bezit, tot lof Zijner heerlijkheid, (Efz.1:14). Het 50e jaar, een jaar om te vieren!
Shalom,
Gerard J.C. Plas

Be Sociable, Share!
Translate »