Oct 242010
 

De steun die president Truman tijdens zijn ambtsperiode aan de Joodse Staat gaf, was in de Verenigde Staten ‘widly popular’. Een opiniepeiling uit 1948 laat zien dat destijds bijna drie keer zoveel Amerikanen met de Joden sympathiseerden als met de Arabieren.

Vrijheidsbeeld NY - VS

Vrijheidsbeeld NY - VS

Alle peilingen die de laatste zestig jaar in de VS zijn gehouden, komen tot de slotsom dat een grote meerderheid van het Amerikaanse volk achter Israel is blijven staan. Dit is tot op vandaag een machtige politieke factor in het Buitenlandse beleid van de regering van dit land. Wij kunnen de pro-Israel politiek van de VS beslist niet uitleggen als de overwinning van een kleine Joodse lobby op de wil van het volk, zoals vaak wordt gezegd en geschreven in de media. Als wij willen begrijpen waarom het beleid van Amerikaanse regeringen met betrekking tot het Midden-Oosten eerder pro-Israel is dan neutraal of pro-Palestijns, dan moeten wij de bronnen van deze niet-Joodse steun voor de Joodse Staat bestuderen.

Gemeenschappelijke opdracht van Joodse volk en Amerika

Het is weinig bekend dat de taal, de hele geschiedenis van het Joodse volk met alle ups en downs uit de Hebreeuwse Bijbel de Amerikaanse psyche diepgaand kenmerken, omdat de eerste emigranten in Amerika Puriteinen waren die uit Engeland waren gevlucht en in het nieuwe land een moderne republiek met Hebreeuwse wortels hebben gesticht. Dat was zonder meer een unieke gebeurtenis. Wie waren de Puriteinen eigenlijk? Omdat zij in de Hebreeuwse Bijbel hun eigen geschiedenis weerspiegeld zagen, probeerden zij te leven volgens de letter hiervan. Zij vierden de Sabbath en alle Joodse feesten in het najaar en voorjaar. Zij geloofden dat God hen aanvoerde in de strijd tegen eigentijdse tirannen en afgodendienaars. Omdat zij alleen het gezag van de Hebreeuwse Bijbel erkenden, werden zij vervolgd door de Anglicaanse kerk, die hen martelde en vervolgde tot aan de galg. Zij verwierpen de christelijke moraal en stelden er de Joodse ethiek uit de Hebreeuwse Bijbel er voor in de plaats. Zij waren ervan overtuigd dat zij het uitverkoren volk van God waren, dat het werk van God onder de moderne Filistijnen moest doen. Zij gingen steeds Joodser leven: ouders gaven hun kinderen Hebreeuwse namen. Guy, Miles, Peter en John verdwenen en de jongens werden Enoch, Amos, Obadja, Job, Seth en Eli genoemd, en de meisjes heetten Sarah, Rebecca, Deborah en Esther. In de zondagse diensten werden alleen fragmenten uit de Hebreeuwse Bijbel gelezen en uitgelegd. In 1653 bereikte de beweging van het Hebraisme zijn hoogtepunt, omdat op 4 juli van dat jaar een kleine strenge groep Puriteinen onder leiding van Cromwell de Britse grondwet zo wilde veranderen, dat de wetten van Mozes en de bergrede van Jezus in de praktijk werden toegepast. Cromwell citeerde in zijn toespraak onophoudelijk uit de Psalmen en Profeten, en hij verzekerde zijn toehoorders dat de overwinning die in de achtenzestigste psalm aan Gods volk destijds was beloofd, nu zou worden gerealiseerd door de republiek, die hij Gods volk op aarde noemde. Men schreef in kranten en tijdschriften over Engeland als ‘ons Britse Israel’ en ‘ons Engelse Zion’.

Welnu, de Puriteinen beschouwden zich als ‘Joden’ die in het Beloofde Land (Amerika) aankwamen na uit Egypte (Engeland) te zijn gevlucht. Thanksgiving Day, voor het eerst gevierd in 1621, is gebaseerd op het Joodse Jom Kippoer. Het is een dag van vasten en gebed. Amerika heeft het vooral aan de Puriteinen te danken dat de invloed van de Hebreeuwse Bijbel op de stichting en ontwikkeling van de democratie aldaar zeer groot is geweest.  Aan de universiteiten van Colombia, Datmouth, Harvard, Princeton en Yale werd vanaf het begin van de stichting onderwijs gegeven in de Hebreeuwse taal en letterkunde. Studenten kregen in de colleges onophoudelijk te horen, dat de VS een nieuw Kanaan is, ‘een land dat overvloeit van melk en honing’, maar dat zij de zegeningen van het nieuwe land zouden verliezen als zij de God van Israel geen gehoor meer gaven. Zij moesten zich spiegelen aan het lot van de Joden destijds. Meer dan duizend steden en dorpen in de VS dragen namen uit de Hebreeuwse Bijbel, en ook in de VS gaven de Puriteinen nog heel lang Hebreeuwse namen aan hun kinderen. Het land heeft veel wetgeving aan de Torah van het Joodse volk ontleend: Tijdens de Puriteinse Revolutie (1642-1648) waren er Puriteinen die wetten uit de Hebreeuwse Bijbel wilde invoeren. In New Haven werd in 1655 de wettelijke Code aangenomen met zo’n 79 statuten die refereerden aan de Hebreeuwse Bijbel. Plymouth Colony nam in 1641 bijna de hele Torah over. We kunnen veel voorbeelden geven, waaruit blijkt dat Amerikanen in hun politieke strijd zich dikwijls helemaal vereenzelvigden met het Joodse volk uit de Hebreeuwse Bijbel. Het eerste ontwerp van het officiele zegel van de Verenigde Staten beeldt Joden af die de Rode Zee oversteken; het motto luidt: ‘Resistance to Tyrants is Obedience to God’. De inscriptie van Liberty Bell in de Independence Hall in Philadelphia komt uit Leviticus 25:10, ‘Proclaim liberty throughout the land unto all the inhabitants thereof’. Vaderlandse speeches en publicaties staan vol Bijbelse motieven en uitspraken. Dit komt duidelijk naar voren in de Onafhankelijkheidsverklaring: ‘We hold these truths to be self evident that all men are created equal, that they are endowed by their Creator with certain unalienable rights, that among them are life, liberty and the pursuit of happiness.’ Ook het motto: ‘In God we trust’, komt uit de Hebreeuwse Bijbel. Geen wonder dat de Puriteinen, die zo Joods dachten en leefden, de Joden begonnen te rekenen tot de groep die recht op vrijheid van godsdienst en bescherming hadden. Het boek van de Puriteinse balling Leonard Busher, getiteld Religious Peace or Plea for Liberty of Conscience, dat in 1614 verscheen, is de eerste publikatie waarin de auteur een pleidooi hield voor volledige vrijheid van welke religie dan ook. In 1644 schreef Roger Williams vanuit de nieuwe wereld aan de andere kant van de oceaan in zijn beroemd geworden verhandeling The Bloudy Tenent of Persecution for the Cause of Conscience: ‘Het is de wil en het bevel van God, dat sinds de komst van zijn Zoon, de Here Jezus, de meeste heidense, Joodse, Turkse of antichristelijke meningen en godsdiensten zijn toegestaan aan alle mensen in alle landen (…..) God verlangt niet dat er in enig beschaafd land eenheid van godsdienst bestaat of wordt afgedwongen (…..). De ware beschaving en het christendom kunnen in een land bloeien ondanks het toestaan van verschillende of tegengestelde meningen, of deze nu Joods of heidens zijn’. De Puriteinen hebben met hun pleidooi voor het Parlement en de vrijheid van godsdienst de duurzame fundamenten gelegd voor een democratische samenleving. Het principe van de tolerantie is van hen afkomstig en via hen van het Joodse volk. De Pilgrim Fathers brachten het vanuit Europa naar Amerika, waar het de morele basis van een nieuwe samenleving in een nieuwe wereld zou vormen.

Twee groepen zionisten avant la lettre

Al heel vroeg kreeg een Joodse staat in het Midden-Oosten steun van de VS, namelijk van John Adams, die van 1797-1801 de 2e president was. Hij zei onder meer: ‘Ik wil echt dat de Joden in Judea weer een onafhankelijke natie vormen’. Vanaf het begin van de 19e eeuw ontwikkelden zich in de VS twee stromingen van niet-Joodse zionisten, die we respectievelijk profetische en progressieve zionisten zouden kunnen noemen. Door de Bijbelse profetieen letterlijk uit te leggen zag de eerste groep van zionisten de terugkeer van de Joden naar het Beloofde land als de vervulling van voorspellingen die de profeten vroeger hadden gedaan. Niet zelden werd deze terugkeer van de Joden naar hun land verbonden met de terugkeer van Christus en het einde van de wereld. Bij deze zionisten speelde hoofdstuk 18 van het boek Jesaja een zeer belangrijke rol. In 1814 was het de presbyteriaanse pastor John MCDonald die voorspelde dat Amerikanen de Joden zouden helpen bij het restaureren van hun oude staat, die in 70 na Christus door de Romeinen was verwoest. Deze visie werd gedeeld door allerlei groeperingen van Mormonen in de V.S. Orson Hyde (1805-1878), een vooraanstaand prediker in de kring van de Mormonen, deed zijn leven lang een oproep om in Jeruzalem te missioneren en Joden te assisteren bij het herstel van hun aloude Joods Tehuis. Hij zei, toen hij zelf  in Jeruzalem Jesaja 18 voor zijn toehoorders uitlegde: ‘Het grote wiel is in beweging gezet en het woord van de Almachtige heeft verklaard dat het zal blijven draaien!’ Hij verlangde vurig de Joden bij hun terugkeer naar het land te kunnen helpen. De tweede groep, de progressieve zionisten, werd in de 19e eeuw gevormd door liberale christenen, die geloofden dat God bezig was een nieuwe wereld te scheppen door op allerlei manieren menselijke vooruitgang te promoten. Zij zagen de democratie in hun eigen land zowel als een voorbeeld als ook als een instrument in de handen van God om deze nieuwe wereld naderbij te brengen. God zou met name besloten hebben om een einde te maken aan de vervolging en onderdrukking van de Joden door hen naar het Beloofde Land te laten terugkeren. Zij wilden dat de Joden hun eigen staat zouden stichten, omdat zij geloofden dat zij dan bevrijd zouden zijn van vervolging. Er waren in deze kring van zionisten ook Amerikanen die verwachtten dat een eigen staat de Joden nieuwe kansen zou geven een beschaafd volk te worden. De reeds eerder genoemde John Adams schreef: ‘Als de Joden eenmaal een onafhankelijke regering hebben gevormd en niet langer vervolgd worden, dan zullen ze spoedig ook bepaalde onbeschaafde trekjes van hun karakter verliezen en misschien bekeren ze zich dan wel tot de kerk van de Unitarische christenen. Wie weet!’

Toen na 1880 de massa-emigratie van Russische Joden naar de Verenigde Staten op gang kwam, kregen beide groepen van niet-Joodse zionisten onverwacht nieuwe bondgenoten. Omdat deze Russische Joden bepaald niet populair waren bij ontwikkelde Joden, hoopten laatstgenoemde dat die Russische emigranten niet lang in de Verenigde Staten zouden blijven, maar zouden vertrekken naar Palestina. Dit betekende dat nu ook meer Joden in de VS zich schaarden achter de plannen van niet-Joodse zionisten om de Joden weer een thuis in Palestina te bieden. Het is begrijpelijk dat de meesten Joden aanvankelijk de ideeen van de niet-Joodse zionisten wantrouwden, omdat niet zelden een bepaalde vorm van zending hiermee verbonden was. Bovendien waren niet weinig antisemieten de niet-Joodse zionisten welgezind, omdat de stichting van een Joodse staat in het Midden-Oosten in ieder geval de toestroom van Russische Joden naar de VS zou indammen, ook al geloofden zij niet dat die onderontwikkelde Joden op Palestijnse grond beschaafde mensen zouden worden. Zo kregen de niet-Joodse zionisten in de VS uit onverwachte hoek nieuwe sympathisanten er bij.

Sir William Blackstone

Sir William Blackstone

Hier moeten we vooral de naam van William Blackstone noemen, een van de belangrijkste zionisten van de

Methodistische Kerk. Benjamin Netanyahu schrijft in zijn boek A Place Among the Nations, dat William Blackstone een van de meest vooraanstaande zionisten van christelijke huize is geweest, die een halve eeuw eerder dan Theodor Herzl zich geweldig inzette voor de terugkeer van de Joden naar Palestina om er het aloude Joodse Tehuis weer op te richten. In 1890 organiseerde hij van 24-25 november in Chigago de Conference on the past, Present and Future of Israel. Enkele honderden christelijke en Joodse leiders namen hieraan deel, die resoluties aannamen waarin zij hun medeleven uitspraken met de vervolging van de Joden in Rusland. De tekst van deze resoluties werden naar talrijke politieke en geestelijke leiders over de hele wereld gestuurd, maar Blackstone realiseerde zich heel goed, dat dit niet genoeg was. Hij wilde dat de wereldleiders garant zouden staan dat de Joden weer terugkeerden naar Palestina om er een eigen staat te stichten. Na de genoemde conferentie schreef hij het beroemd geworden document The Blackstone Memorial. Op 5 maart 1891 introduceerde G. Blaine, minister van Buitenlandse Zaken, William Blackstone bij president Benjamin Harrison. Blackstone overhandigde de president zijn Memorial, dat oorspronkelijk Palestine for the Jews werd genoemd. Benjamin Harrison had het hart op de goede plaats zitten, als het ging om de Joden. Het tweede hoofdstuk van Memorial heette Why not give Palestine back to them again? In het boek van de vermaarde zionistische leider hadden maar liefst 413 prominente Amerikanen hun handtekening gezet om diens plan bij de president aan te bevelen: in feite bevatte het document een petitie, waarin de president van de VS werd gevraagd een congres van Europese geestelijke en politieke leiders te organiseren, die zich de vraag moesten stellen op welke wijze het Ottomaanse Rijk Palestina aan de Joden terug kon geven. De meerderheid van de ondertekenaars bestond uit niet-Joden: de opperrechter van de Supreme Court, de woordvoerder van het House of representatives, de voorzitters van allerlei commisies van de Senaat en het Congres, de toekomstige president William McKingley, de burgemeesters van Baltimore, Boston, Chicago, New York, Philadelphia en Washington, de uitgevers van de grootste dagbladen, geestelijken van de Episcopaalse, Methodistische, Presbyteriaanse en Rooms Katholieke Kerk, en ten slotte vertegenwoordigers uit de zakenwereld, zoals Cyrus McCormick, John Rockefeller en J.P. Morgan. Met een begeleidende brief werd de The Blackstone Memorial naar alle regeringsleiders van landen in Europa gestuurd. Blackstone gaf niet alleen aan president Harrison een exemplaar van de petitie, maar hij stond er later op, dat ook de presidenten William McKinley, Grover Cleveland, Theodore Roosevelt en Woodrow Wilson een exemplaar kregen. Ook al werd het genoemde congres niet gehouden, toch volgde er veel diplomatiek overleg om de geesten rijp te  maken voor de uitvoering van het plan.

Vijf jaar nadat William Blackstone zijn Memorial had geschreven publiceerde Theodor Herlz, de grondlegger van de zionistische beweging, zijn boek Der Judenstaat. Toen Blackstone het boek had gelezen en ondekte dat de auteur geen aandacht had geschonken aan al die teksten in de Hebreeuwse Bijbel waar sprake is van de terugkeer van de Joden naar hun land, kwam hij op een idee. In een exemplaar van de Hebreeuwse Bijbel onderstreepte hij al die plaatsen waar de profeten spreken over terugkeer van de ballingen naar Palestina om daar hun aloude Tehuis te renoveren, en stuurde het met begeleidende brief naar Herlz. Herlz, die een zeer gebrekkige kennis had van de Hebreeuwse bijbel, had zoveel waardering en bewondering voor het werk van William Blackstone, dat deze geannoteerde Bijbel mee ging in zijn graf in Jeruzalem. Geen wonder dat in Israel William Blackstone de beroemste Amerikaan is en dat een van Israels bossen zijn naam draagt.

Het mythisch verstaan van Amerika’s identiteit en bestemming

Het lezen van de geschiedenis van het Joodse Volk in de Hebreeuwse Bijbel, waarmee de Amerikanen in alle vormen van onderwijs vertrouwd raakten, is van grote invloed geweest op de ontwikkeling van de eigen identiteit en missie in de wereld. De schrijver Herman Melville bracht dit als volgt onder woorden: ‘Wij Amerikanen zijn het bijzondere, uitverkoren volk, het Israel van onze tijd. Wij dragen de Ark van de vrijheid door de gehele wereld!’ Zonder enige overdrijving kunnen we zeggen dat vanaf de tijd van de Puriteinen tot op de dag van vandaag seculiere en religieuze, liberale en conservatieve politici, bisschoppen, priesters, predikanten en filosofen het Amerikaanse volk hebben gezien als een uitverkoren volk, waarvan de leden minder door banden van het bloed dan door die van het geloof verbonden zijn om een speciale opdracht in de wereld te vervullen. Zij deelden vanaf het begin van het ontstaan van de VS de overtuiging dat de God van Israel hen in een volstrekt nieuw land had gebracht en machtig en vermogend had gemaakt, omdat zij de geboden hadden nageleefd (vooral de geboden die God Mozes had gegeven). Maar zij vergaten niet daarbij aan te tekenen, dat de toekomstige voorspoed van het land helemaal afhing van het trouw vervullen van Gods opdrachten. Wanneer zij het gouden kalf zouden gaan oprichten, wachtte hun eenzelfde lot als het Hebreeuwse volk. De God van Israel laat niet met zich spotten. Niet alleen religieuze maar ook niet religieuze Amerikanen lieten zich door de Hebreeuwse Bijbel inspireren: zoals drieduizend jaar geleden het Hebreeuwse volk was uitverkoren om een wereld veranderende rol te spelen, zo had het Amerikaanse volk een zelfde roeping.

Ook al geloofden religieuze Amerikanen dat de God van Israel hun dit land had gegeven, toch worstelden zij met het niet te betwisten gegeven, dat hun land eens anderen behoorde en dat zij de oorspronkelijke bevolking hadden verdreven en uitgemoord. In de debatten hieromtrent komen we als een refrein telkens weer tegen: op dezelfde wijze als het Hebreeuwse volk het land van de Kanaanieten veroverde, hebben de Puriteinen en hun kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen het territorium van de VS veroverd. Om hun eigen gedrag te rechtvaardigen, werd het verhaal van de verovering van het Beloofde Land uit de Hebreeuwse Bijbel zo letterlijk mogelijk uitgelegd. En was het geen wonder dat die kleine kolonies Puriteinen in de onafhankelijkheidsoorlog de overwinning hadden behaald op werelds grootste imperium, namelijk het Britse imperium? Als in de geschiedenisboeken in de VS de historie van die onafhankelijkheidsoorlog wordt beschreven, wordt altijd verwezen naar de geschiedenis van David die de reus Goliath versloeg. Met enige overdrijving kunnen we zeggen dat Amerikanen de verhalen uit de Hebreeuwse Bijbel lezen en herlezen, als zij willen weten wat er in hun eigen geschiedenis is gebeurd. Werden de Amerikanen in de 19e eeuw niet op dezelfde wijze geisoleerd en bespot om hun democratische idealen als de Joden destijds, die werden omringd door dienaren van afgoden? Hebben de Amerikanen niet op dezelfde wijze hun overwinningen op hun vijanden behaald als het Joodse volk? Werden de Amerikanen toen zij in strijd met hun geloof miljoenen slaven hielden, niet op dezelfde wijze door God gestraft als de Joden, nadat ze zich rebels hadden gedragen? De Hebreeuwse Bijbel geeft tientallen voorbeelden. Het mythisch begrijpen van Amerika’s identiteit en bestemming is een van machtigste factoren van de Amerikaanse cultuur en psyche. Zoals het Joodse volk destijds geloofde dat de openbaring die het op de Sinai van God ontving niet alleen bestemd was voor henzelf maar uiteindelijk voor de hele wereld, zo interpreteren de Amerikanen tot op vandaag hun eigen roeping en zending in de wereld. Zij zagen en zien zichzelf dikwijls als God’s new Israel! Een van de consequenties van dit religieus zelfbewustzijn is dat veel Amerikanen denken dat het eigenlijk vanzelfsprekend is dat het ene uitverkoren volk (Amerika) het andere (Israel) steunt in alle omstandigheden. Zij hebben er geen problemen mee dat zij niet populair worden in de wereld, als zij zich moedig achter Israel scharen, dat bijna sinds het ontstaan van de staat in 1948, wordt geisoleerd en dikwijls genadeloos bekritiseerd. Als de VS zich opwerpen als beschermer van Israel en vriend van de Joden, is dit ook een manier om te bewijzen dat de God van Israel ook aan hen een unieke bestemming heeft gegeven, namelijk het beschermen en bevrijden van de Joden. Zoals ontelbaar veel ballingen uit Europese landen waren gevlucht en in het Beloofde Land van Amerika een veel beter leven hadden gekregen, waren honderdduizende Joden aan de vervolging in Europa ontsnapt en was het leven in het Beloofde Land van Israel helemaal opnieuw begonnen.

Twee staten ontstaan uit nederzettingen

In de Amerikaanse literatuur worden de staat Israel en de Verenigde Staten van Amerika dikwijls als ‘settler states’ getypeerd, dat wil zeggen staten die beide uit nederzettingen zijn ontstaan. Het land dat zij veroverden werd bewoond door inheemse volkeren die zij hebben verdreven. Als wij de geschiedenis van deze ‘settler states’ lezen, wordt snel duidelijk dat de nieuwe bewoners van het land voortdurend werden geconfronteerd met degenen die zij hadden verjaagd, als gevolg waarvan eindeloze conflicten uitbraken. Opmerkelijk is ook, dat zowel de Joden als de Amerikanen zich op dezelfde bron beriepen om hun ‘settler state’ te rechtvaardigen, namelijk de Hebreeuwse Bijbel waarin het verhaal wordt verteld van de verovering van Kanaan door het Joodse volk, dat bewoond werd door de inheemse Hethieten, Jebusieten en Amorieten. Omdat het Joodse volk Kanaan beschouwde als het land dat God hun had beloofd, werden de oorspronkelijke bewoners verdreven en om het leven gebracht. Op dezelfde wijze interpreteerden  Amerikanen vanaf het begin van hun geschiedenis de verovering van Amerika als de verovering van een territorium dat God hun als het Beloofde Land had geschonken. Daarom keert in elke periode van Amerika’s geschiedenis het refrein terug, dat de Amerikanen God’s new Israel zijn. Dit religieus zelfbewustzijn hielp hen ook om hetgeen zij met de oorspronkelijke bewoners hadden gedaan te legitimeren. Theodore Roosevelt, die in 1918 schreef, dat ‘de stichting van een Zionistische Staat rondom Jeruzalem een goede zaak is’, heeft als president van de VS dikwijls geworsteld met de onstaansgeschiednis van zijn land. Hij debatteerde er ook graag over. Hij benadrukte dan dat wij niet moeten vergeten dat de Puriteinen heel bijzonder en dikwijls ook naieve kenners van de Bijbel waren, voor wie de Hebreeuwse Bijbel alles betekende, maar die weinig waarde hechtten aan de deugden en waarheidslievenheid, medelijden en barmhartigheid. De boodschap van het Nieuwe Testament kenden zij nauwelijks. Zij keken met de ogen van Israels profeten naar de vijanden van het volk. Roosevelt herinnerde zijn gesprekspartner er dan graag aan, dat wij niet moeten vergeten dat de inheemse bevolking van Kanaan uiteindelijk omkwam omdat het afschuwelijke en walgelijke misdaden hebben bedreven, waarvoor de God van Israel hen strafte. Daarom is het wel begrijpelijk dat God het land aan een ander volk schonk. Op dezelfde wijze heeft Hij het land van de ‘rode wilden’ afgenomen en aan Puriteinse ballingen gegeven, omdat de inheemse bevolking ook misdadige dingen zou hebben gedaan. Behalve de landbelofte die God zowel aan het Joodse als aan het Amerikaanse volk had gedaan, hanteerden Amerikanen graag nog een ander argument om hun ontstaansgeschiedenis te rechtvaardigen. Zij beriepen zich vaak op de ‘fair use’ – leer van John Locke, die stelde dat land dat niet wordt bebouwd een verwaarlozing en verspilling van de natuur is. Het hoeft geen betoog dat dit een zeer omstreden stelling is, waarmee het kolonialisme werd verdedigd. De eerste settlers van de VS hebben volgens John Locke met hart en ziel geloofd dat alleen degenen die een bepaald stuk grond voorzien van boerderijen en er steden bouwen, het recht hebben om eigenaar van dit land te worden. Welnu, dat hebben zowel de Puriteinen als de Joden gedaan en daarom zijn zij terecht, zo dachten zij, de nieuwe bezitters van het land geworden.

Al deze factoren verklaren in meer of mindere mate waarom niet-Joodse Amerikanen vanaf de stichting van de staat Israel in 1948 tot op vandaag zich blijven inzetten voor de overleving van Israel als Joodse staat.

Bronnen: Walter Russell Mead, The New and Old Israel. Why gentile Americans Back the Jewish State in: Foreign Affairs, July/Augustus 2008. Barbara Tuchman, De Bijbel en het zwaard. De Britse opmars naar het Beloofde Land, Amsterdam/Brussel 1976. Hans Koning, The Conquest of America: How the Indian Nations Lost Their Continent, New York 1993. Conrad Cherry (ed.), Gods New Israel: Religious Interpretations of American Destiny, 1971. (uit: Bulletin een uitgave van Stichting Wiesenthal Fonds). (einde citaat… … … …)

Respons: Een opmerkelijk stukje geschiedenis wordt hier neergeschreven over de Amerikaans-Israelische verhoudingen. Hier wordt een pleidooi gehouden voor al degenen die ontekt hebben zoals één van de meest vooraanstaande christen zionisten William Blackstone uit de 19e eeuw, die er niet voor terugdeinsde om als een niet-Joodse zionist met de politieke en geestelijke leiders van zijn tijd te pleiten voor een Joodse staat gefundeerd op datgene waar de profeten in de Hebreeuwse Bijbel eeuwen geleden over hebben gesproken. Ook in de contacten die Blackstone aan het eind van zijn leven heeft gehad met de grondleger van het Zionisme Theodor Herlz waren zo reeel, dat Herlz zo gefascineerd raakte door al die teksten in de Hebreeuwse Bijbel waar sprake is van de terugkeer van de Joden naar hun land, dat… -zoals het er zo mooi staat-: ‘de geannocteerde Bijbel mee ging in zijn graf in Jeruzalem’, die Blackstone hem had toegestuurd.  De vraag nu is: hoe staat het dan met die Joodse-Amerikanen waarvan er heden ten dagen, velen (350.000) in –Jesus as the Messiah- geloven, en die veelal worden aangesproken als ‘Jews for Jesus’ (Messiasbelijdende Joden). Hun aantal wordt in Israel op 15.000 (mesjichim) geschat; maar ook hier in Europa en in ons eigen land existeren zij. En hebben wij er enige notie van dat ook zij nu nog bestaansrecht hebben in en buiten Israel,…(Efz.2:11-22)! Worden zij er mee gediend als christenen hen in het gesprek met Israel negeren. Zijn het dan niet de christenheidenen die de scheidsmuur dan weer oprichten. Kunnen wij ons vandaag bezinnen op een relatie met Israel, zonder daar de Messiasbelijdende Joden bij te betrekken, of  is een relatie met hen mogelijk zonder de staat Israel?  Als dat zo zou zijn, dan mag men de christenheid van hoogmoed betichten (Rom.11:20). Anno 2010…komt Israel meer en meer alleen te staan, en heeft Israel weinig vrienden over. Het drukmiddel van het dichtdraaien van de oliekraan is ook voor de christenheid in het Westen kennelijk nog altijd een angstig scenario in een tijd waarin de economische recessie nog niet tot stilstand is gebracht.  (Dreigende woorden: ‘Als de olie een bepaalde prijs bereikt, wil de wereld niet langer dat Israel voortbestaat. Bij een bepaald prijsniveau kunnen we niet langer overleven.’ Deze dreigende woorden sprak Eugene Kandel bij de opening van de Energy and Business Convention 2010 in het Maccabiah Hotel in Ramat Gan. Kandel is hoofd van de Nationaal Economische Raad en leider van het nationale initiatief om Israels afhankelijkheid van olie terug te dringen. Kandel vindt dat de Israelische regeringen van de laatste dertig jaar kortzichtig zijn geweest. De onafhankelijkheid van olie had een van de Israelische topprioriteiten moeten zijn. Een vat olie gaat deze eeuw 200 dollar of meer kosten. Landen als India en China worden er steeds meer afhankelijker van, en daarmee van landen die Israel onvriendelijk gezind zijn. ‘Dat wordt onze strijdt voor het volgende decennium: welk percentage van de auto’s kan lopen op iets anders dan petroleumdestillaten die door ondemocratische en onvriendelijke landen worden geproduceerd? Kandel bedoelt dan landen die voor hun energie geen kant op kunnen zich dan automatisch tegen Israel zullen keren, met mogelijkerwijs de geschetste gevolgen,…uit NIW 22.10.’10).

Premier Benjamin Netanyahu weet het maar al te goed dat de ware vrienden van Israel gezocht moeten worden onder de ‘christen Zionisten’, hij is ook de premier geweest die in de loop der jaren goede relaties met hen wist op te bouwen zowel in Israel als daarbuiten. Opnieuw doemt er een groot gevaar aan de horizon. De Arabische Islamitische landen die uit zijn op de vernietiging van de staat Israel! Maar zoals Samuel Schor vlak voor de Tweede Wereldoorlog schreef:… …. ….

‘Lees het verhaal van Israel, laat God buiten beschouwing, en zijn  geschiedenis wordt een raadsel, een enigma, dat onoplosbaar blijft zolang we afgaan op de gangbare wetten die het lot der volkeren bepalen.’

Zelfs de aanslag van de nazi’s heeft geen einde kunnen maken aan wat de messiaanse voorganger Paul Ghenassia ‘de wonderbaarlijk overleving van het volk Israel’ noemt. Ook hij ziet maar één verklaring. De Eeuwige zelf heeft hierin zijn hand. Hij heeft verklaard dat ‘Israel’ pas zou verdwijnen als ook de zon, de maan en de sterren, de dag en nacht zouden verdwijnen’ (Jer.31:35-37). Een hoop vol teken!

Gerard J.C. Plas

Be Sociable, Share!
 Posted by at 14:59

 Leave a Reply

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

(required)

(required)

Translate »